Snelle brandmelding van levensbelang bij woningbrand
18 mei 2022
Het snel opmerken van brand en inschakelen van de brandweer vergroot de overlevingskans bij woningbrand, blijkt uit onderzoek van NIPV en teams Brandonderzoek van de veiligheidsregio’s. In de analyse is gekeken naar in totaal 538 incidenten met reddingen of dodelijke slachtoffers. Niet-zelfredzame ouderen lopen het meeste risico op overlijden door woningbrand. Rookmelders kunnen helpen om een brand eerder op te merken.

De slachtoffers die omkwamen bij een woningbrand waren relatief vaak niet-zelfredzame ouderen. Om deze groep beter te beschermen moeten volgens de onderzoekers extra maatregelen worden genomen.
Rookverspreiding maakt vluchten moeilijker
Ook de locatie van het slachtoffer bij het uitbreken van de brand is van belang voor de overlevingskans. Bevindt het slachtoffer zich in de ruimte waar ook de brand is, dan is de kans op overlijden een stuk groter. Verder hebben de ontwikkeling en de verspreiding van rook invloed op de overlevingskans. Veel rook kan het vluchten moeilijker maken.
Vergelijken van gegevens reddingen en dodelijke slachtoffers
In de analyse zijn gegevens over reddingen vergeleken met gegevens over dodelijke slachtoffers als gevolg van brand in hun woning. Voor de reddingen bij brand zijn gegevens meegenomen van 741 geredde slachtoffers bij 245 incidenten in de periode van 2016 tot en met 2018. Voor de fatale woningbranden zijn gegevens meegenomen van 366 dodelijke slachtoffers bij 338 incidenten in de periode van 2008 tot en met 2019.
Actuele cijfers
Het dashboard Fatale woningbranden en het dashboard Reddingen bij brand geven een actueel overzicht van het aantal doden bij woningbranden en het aantal reddingen bij brand en in de omstandigheden en oorzaken ervan (voor zover bekend).
Lees het rapport
Download het onderzoek en de samenvatting op de pagina’s Fatale woningbranden en Reddingen bij brand.
Contact
Lees ook
Het NIPV heeft in opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid onderzoek gedaan naar de ervaringen van burgers met het NL-Alert bericht tijdens de jaarwisseling.
Welke maatregelen hebben Seveso-inrichtingen al genomen ter voorbereiding op een grootschalige en langdurige stroomuitvall? En met welke generieke maatregelen kunnen zij zich aanvullend voorbereiden?
Welke maatregelen hebben Seveso-inrichtingen al genomen ter voorbereiding op een grootschalige en langdurige stroomuitvall? En met welke generieke maatregelen kunnen zij zich aanvullend voorbereiden?
“Lokaal wat kan, landelijk wat moet”, zegt Olav Strotmann. Hij wil dat de brandweer nu de stap zet van leren, naar samen dóen.
Het Dagelijks Bestuur van het NIPV heeft Marthyne Kunst benoemd tot algemeen directeur van het instituut. Zij zal per 1 juni aan deze nieuwe uitdaging beginnen.
In een snelle kennismobilisatie zijn de belangrijkste vragen en dilemma’s rond noodsteunpunten in kaart gebracht/
Bij een crisis of ramp ligt de focus tijdens de acute fase op het bestrijden van het incident. Toch is het minstens zo belangrijk om in de acute fase vooruit te kijken naar wat daarna komt: de nafase.
In haar nieuwe functie van leider CoPI staat Claudia Prins-van Baar van Veiligheidsregio Hollands Midden midden in het crisisveld.
Per 1 maart 2026 start het NIPV met het tweejarige project Richtlijn nazorg en herstel.
- Pagina1
- Pagina2
- …
- Pagina70
- Volgende pagina
De Oekraïense vluchtelingencrisis: Eerste ervaringen van veiligheidsregio’s en gemeenten
3 mei 2022
Om inzicht te verkrijgen in de ervaringen die bij de opvang van de Oekraïense vluchtelingen zijn opgedaan, heeft het lectoraat Crisisbeheersing een snelle kennismobilisatie uitgevoerd onder veiligheidsregio’s en gemeenten.

Sinds de inval van Russische troepen in Oekraïne is er een enorme vluchtelingenstroom op gang gekomen. Ook in Nederland arriveerden de afgelopen weken bijna 50.000 vluchtelingen. Om inzicht te verkrijgen in de ervaringen die bij de opvang van de Oekraïense vluchtelingen zijn opgedaan, heeft het lectoraat Crisisbeheersing een snelle kennismobilisatie uitgevoerd onder veiligheidsregio’s en gemeenten.
Het kabinet gaf op 7 maart 2022 aan de voorzitters veiligheidsregio de opdracht om in totaal 50.000 opvang-plekken te creëren. De veiligheidsregio’s gingen met deze opdracht aan de slag. Daarmee zagen vooral de gemeenten zich voor een enorme opgave gesteld. Naast opvangplekken dienden namelijk ook financiële bijstand te worden geregeld en onderwijs en zorg voor de Oekraïense vluchtelingen te worden georganiseerd. (1)
Overeenkomsten en verschillen
Zoals twee jaar geleden voor de bestrijding van de coronacrisis de nationale crisisstructuur werd geactiveerd, zo gebeurde dat ook nu weer om de opvang van vluchtelingen uit Oekraïne in goede banen te leiden. De wijze waarop hierover afstemming tussen het Rijk en decentrale overheden plaatsvindt, vertoont overeenkomsten met de wijze waarop dat tijdens de coronacrisis ging. Naast overeenkomsten zijn er in vergelijking met de coronacrisis ook verschillen te constateren in de bestuurlijke constellatie. Eén van de verschillen is dat bij de bestrijding van infectieziekten de voorzitters veiligheidsregio formeel een rol hebben. Bij de opvang van vluchtelingen is dat niet het geval; die taak ligt primair bij het Rijk en de gemeenten.
Uitgelichte observaties
- Het Rijk
Al in de aanloop naar deze vluchtelingencrisis bleek onduidelijkheid te bestaan over het instrumentarium aan bevoegdheden om (nood)opvang voor asielzoekers te realiseren. Ook nu lijkt de uitvoering vast te lopen op het ontbreken van een aanwijzingsbevoegdheid. Gemeenten vinden het de hoogste tijd dat het Rijk duidelijkheid geeft over de wijze waarop de opvang van Oekraïense vluchtelingen (én de huisvesting van statushouders) in de komende periode zal plaatsvinden.
2. Veiligheidsregio’s
De voorzitters veiligheidsregio’s zullen de discussie moeten aangaan voor welke soorten van crises zij aan de lat willen staan. Dat de problemen in Ter Apel (die al jarenlang speelden) nu opeens door de veiligheidsregio’s moeten worden opgelost, lijkt oneigenlijk en het risico bestaat dat het Rijk ook voor andere problemen die nationaal niet worden opgelost de weg van de veiligheidsregio’s gaat bewandelen.
3. Gemeenten
Gemeenten hebben bij de opvang van de Oekraïense vluchtelingen een cruciale rol te vervullen. Daarmee wordt van de gemeentelijke organisatie, die tijdens de coronacrisis al veel werk verzette, opnieuw een grote inspanning gevraagd. Daarnaast is de tijd van vrijblijvendheid nu voorbij; solidariteit is geboden. Hoewel ‘naming en shaming’ niet de oplossing is, kan meer transparantie in wat gemeenten de afgelopen jaren aan opvang van vluchtelingen hebben gedaan, wel duidelijkheid scheppen.
Sluimerende crises werden zichtbaar
Net op het moment dat de coronacrisis ten einde leek, volgde er met de Russische invasie in Oekraïne op 24 februari 2022 een volgende crisis van ongekende omvang. In enkele weken tijd ontstond een grote vluchtelingenstroom en de economische consequenties van de oorlog zijn groot en direct voelbaar. Het is mede daarom bewonderenswaardig te noemen dat zo kort na de coronacrisis, die veel van de samenleving had gevraagd, er zo veel inzet is gepleegd om binnen tien weken zo’n 50.000 vluchtelingen uit Oekraïne op te vangen. Ruim 34.000 vluchtelingen verblijven op dit moment in een gemeentelijke opvanglocatie.
Lees het rapport
U vindt het rapport terug op de pagina Oekraïne.
- Voetnoot-1 Op grond van de EU-richtlijnTijdelijke Bescherming (Richtlijn 2001/55/EG), die op 4 maart 2022 door de Raad van de EU van kracht werd verklaard omdat EU-landen eventuele asielverzoeken van Oekraïense vluchtelingen niet op een goede manier zouden kunnen verwerken, genieten Oekraïense vluchtelingen in EU-lidstaten het recht op opvang, medische zorg en onderwijs voor minderjarige kinderen. Ook biedt de regeling het recht om in het land van verblijf te werken.
Lees ook
Het NIPV heeft in opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid onderzoek gedaan naar de ervaringen van burgers met het NL-Alert bericht tijdens de jaarwisseling.
Welke maatregelen hebben Seveso-inrichtingen al genomen ter voorbereiding op een grootschalige en langdurige stroomuitvall? En met welke generieke maatregelen kunnen zij zich aanvullend voorbereiden?
Welke maatregelen hebben Seveso-inrichtingen al genomen ter voorbereiding op een grootschalige en langdurige stroomuitvall? En met welke generieke maatregelen kunnen zij zich aanvullend voorbereiden?
“Lokaal wat kan, landelijk wat moet”, zegt Olav Strotmann. Hij wil dat de brandweer nu de stap zet van leren, naar samen dóen.
Het Dagelijks Bestuur van het NIPV heeft Marthyne Kunst benoemd tot algemeen directeur van het instituut. Zij zal per 1 juni aan deze nieuwe uitdaging beginnen.
In een snelle kennismobilisatie zijn de belangrijkste vragen en dilemma’s rond noodsteunpunten in kaart gebracht/
Bij een crisis of ramp ligt de focus tijdens de acute fase op het bestrijden van het incident. Toch is het minstens zo belangrijk om in de acute fase vooruit te kijken naar wat daarna komt: de nafase.
In haar nieuwe functie van leider CoPI staat Claudia Prins-van Baar van Veiligheidsregio Hollands Midden midden in het crisisveld.
Per 1 maart 2026 start het NIPV met het tweejarige project Richtlijn nazorg en herstel.
- Pagina1
- Pagina2
- …
- Pagina70
- Volgende pagina
Leidraad Grootschalige Geneeskundige Bijstand (GGB) online beschikbaar
26 april 2022
De leidraad GGB beschrijft het bijstandsmodel, waarin ambulancezorg, mobiele medische teams (MMT’s), Rode Kruis-Noodhulpteams, GHOR en het NIPV samenwerken om tijdens een grootschalig incident op te schalen, bijstand te verlenen en effectief samen te werken.

De kerngedachte van het model Grootschalige Geneeskundige Bijstand (GGB) is een snelle opschaling van medewerkers en materieel om gewonden zo snel mogelijk te vervoeren naar het ziekenhuis. Om dit succesvol te kunnen doen is een landelijke, uniforme werkwijze noodzakelijk. De leidraad GGB helpt hierbij en is nu online beschikbaar: www.ggbleidraad.nl.
De leidraad GGB beschrijft het bijstandsmodel, waarin ambulancezorg, mobiele medische teams (MMT’s), Rode Kruis-Noodhulpteams, GHOR en NIPV samenwerken om tijdens een grootschalig incident op te schalen, bijstand te verlenen en effectief samen te werken. De kerngedachte daarbij is, dat een snelle opschaling van medewerkers en materieel en een effectieve werkwijze helpen om een snelle afvoer van slachtoffers te bewerkstelligen. Het bijstandsmodel beschrijft een landelijk uniforme werkwijze, zodat bijstandsverlening tussen regio’s effectief kan gebeuren. Deze werkwijze is in 2016 ingevoerd en wordt telkens bijgesteld op basis van de ervaringen tijdens een crisis en ontwikkelingen in de reguliere zorg.
Opleiden en oefenen
De digitale versie is met name ontwikkeld voor het opleiden en oefenen van de hulpverleners, die een rol hebben tijdens een inzet. Omdat grootschalige inzetten niet vaak aan de orde zijn moet extra aandacht besteed worden aan het op peil brengen en houden van de vakbekwaamheid tijdens opschaling. Dat gebeurt in de opleidingen van de ambulancemedewerkers, de MMT’s en de leden van de Noodhulpteams, die steeds meer in een elektronische leeromgeving worden aangeboden. Deze website is bedoeld om daar veel makkelijker op aan te sluiten en ook voor de voorbereiding op oefeningen. Verder is de website bedoeld om ook andere geïnteresseerden te informeren over GGB.
Dynamiek
De leidraad wordt periodiek bijgesteld. De versie op de website is een afgeleide van de meest recente versie. Deze digitale versie is mogelijk gemaakt door het NIPV in opdracht van de stuurgroep GGB. Neem voor vragen en opmerkingen over de leidraad en de website contact op met Carian Cools, eindredacteur vanuit NIPV.
Contact
Lees ook
Het NIPV heeft in opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid onderzoek gedaan naar de ervaringen van burgers met het NL-Alert bericht tijdens de jaarwisseling.
Welke maatregelen hebben Seveso-inrichtingen al genomen ter voorbereiding op een grootschalige en langdurige stroomuitvall? En met welke generieke maatregelen kunnen zij zich aanvullend voorbereiden?
Welke maatregelen hebben Seveso-inrichtingen al genomen ter voorbereiding op een grootschalige en langdurige stroomuitvall? En met welke generieke maatregelen kunnen zij zich aanvullend voorbereiden?
“Lokaal wat kan, landelijk wat moet”, zegt Olav Strotmann. Hij wil dat de brandweer nu de stap zet van leren, naar samen dóen.
Het Dagelijks Bestuur van het NIPV heeft Marthyne Kunst benoemd tot algemeen directeur van het instituut. Zij zal per 1 juni aan deze nieuwe uitdaging beginnen.
In een snelle kennismobilisatie zijn de belangrijkste vragen en dilemma’s rond noodsteunpunten in kaart gebracht/
Bij een crisis of ramp ligt de focus tijdens de acute fase op het bestrijden van het incident. Toch is het minstens zo belangrijk om in de acute fase vooruit te kijken naar wat daarna komt: de nafase.
In haar nieuwe functie van leider CoPI staat Claudia Prins-van Baar van Veiligheidsregio Hollands Midden midden in het crisisveld.
Per 1 maart 2026 start het NIPV met het tweejarige project Richtlijn nazorg en herstel.
- Pagina1
- Pagina2
- …
- Pagina70
- Volgende pagina
LOT-C na ruim twee jaar ontmanteld
21 april 2022
Deze week publiceert de Rijksoverheid in alle huis-aan-huisbladen advertenties met de strekking ‘Alles is weer open. Dat hebben we met elkaar bereikt. Voor de een is het even wennen; voor de ander voelt het als vanouds. Maar corona is niet weg. Elke dag zijn er nog veel besmettingen. De Gezondheidsraad adviseert daarom een herhaalprik voor mensen die extra risico lopen om ernstig ziek te worden door corona.’

Corona is dus nog niet voorbij en gaat ook niet meer weg. Het Landelijk Operationeel Team Corona (LOT-C) – waarvoor zo vele NIPV-collega’s werkzaam waren – is echter wel per eind maart ontmanteld. Dit multidisciplinaire team – het knooppunt tussen Rijk en regio in de coronapandemie – werd in maart 2020 met vereende krachten en onder aansturing van de RCDV en het LOCC vanuit de brandweerkazerne in Zeist opgestart.
Bij de opstart werd het LOT-C toegevoegd aan de nationale crisisstructuur en het werk werd verdeeld in zeven secties: Gezondheid en zorg, Continuïteit en schaarste, Scenario’s, Plannen en handelingsperspectief, Bestuurs- en partnersamenwerking, Samenleving en veerkracht in beeld en Informatie en communicatie.
‘Met het oog op de ernst en duur van de Covid-19 pandemie hebben de veiligheidsregio’s en het ministerie van JenV de behoeften toen vertaald naar passende producten en diensten’, stelt operationeel leider Erie Braakhekke. Erie heeft vanaf de start van het LOT-C een actieve bijdrage geleverd aan het LOT-C. ‘Wij zorgden met vele collega’s dat er 24/7 vanuit een centraal punt zicht was op ontwikkelingen op nationale en regionale niveau en op ontwikkelingen in de witte kolom. Dit ten behoeve van het Veiligheidsberaad, de veiligheidsregio’s, de NCTV en de gezamenlijke departementen VWS, SZW, JenV en LNV. Het was een enorme klus dat we met velen hebben geklaard.’
Lange adem
‘Er is met het LOT-C sprake van een unieke samenwerking en samen met onze partners zetten wij alles op alles om de veiligheidsregio’s maximale ondersteuning te bieden’, vertelde IJle Stelstra destijds in een van de interviews. ‘De coronacrisis is ernstig en is er één van de lange adem. Wij zijn dan ook voor een langere periode – zolang het nodig is – in de lucht.’ Zijn uitspraken bleken later te kloppen. Het LOT-C fungeerde twee jaar lang als een onmisbaar landelijk knooppunt in de coronapandemie en verbond Veiligheidsregio’s, het Rijk en crisispartners met elkaar en ondersteunde hen om zo de eenduidige en gezamenlijk optredende overheid vorm en inhoud te geven.
Het LOT-C verenigde krachten, kennis en expertise om daarmee anderen te ondersteunen. Het team was dienstbaar en bestond uit professionals afkomstig uit verschillende organisaties die in netwerkverband met elkaar samenwerken zoals onder andere het Rijk, de Veiligheidsregio’s, GGD-GHOR Defensie, VNG, TNO, Politie, brandweer, Rode Kruis, LOCC en het NIPV.
Producten
In de twee jaar zijn vele verschillende producten opgeleverd, zoals een periodiek actueel nalevingsbeeld, een periodiek algemeen landelijk beeld en een actueel beeld met duiding van kwetsbare groepen. Maar er was ook een juridische helpdesk, er werden vragen uit het hele land beantwoord en de verbinding met de operationeel leiders van de veiligheidsregio’s werd in stand gehouden. Ook legde het LOT-C een strategische noodvoorraad Persoonlijke Beschermingsmiddelen (PBM) voor essentiële processen aan en werd het samenwerkingsplatform arbeidsmigranten opgericht.
Uitdaging
‘Een crisistijd is geen ideale tijd voor het oprichten van een landelijk operationeel actiecentrum’, stelt Albert-Jan van Maren, hoofd LOT-C. ‘Het was dan ook een uitdaging om begin maart 2020 vanuit het niets het team van de grond te krijgen. We hebben deze uitdaging succesvol opgepakt in samenwerking met de veiligheidsregio’s, het Rijk en andere crisispartners.’
KCIO
De kantoren in Zeist worden nu bemenst door het Knooppunt Coördinatie Informatie Oekraïne (KCIO), een informatieplatform tussen het Rijk, de 25 veiligheidsregio’s en betrokken partners als bijvoorbeeld het Nederlandse Rode Kruis, VNG en COA. ‘Professionals kunnen hier terecht met vragen over beschikbare opvangplekken. Onderdeel van het knooppunt is het Landelijk Coördinatiepunt Vluchtelingen Spreiding (LCVS). Vanuit dit verzamelpunt wordt het overzicht van de beschikbare gemeentelijke opvangplekken op bovenregionale/landelijke schaal in beeld gebracht en gecoördineerd.Hierbij maken we gebruik van de structuren die zijn opgetuigd door het LOT-C’, vertelt Albert-Jan.
Nieuw knooppunt
Landelijk zijn diverse crisispartners in opdracht van de Veiligheidsregio’s en het ministerie van Justitie en Veiligheid, druk bezig met het realiseren van het Knooppunt Coördinatie regio’s – Rijk (KCR2). Een functionaliteit die nu en in de toekomst hard nodig is om de crisisbeheersing te versterken. Het KCR2 wordt hét centrale koppelvlak en coördinatiepunt voor bovenregionale en landelijke informatiestromen van onder andere vitale ketens naar regio’s en andersom. Het KCR2 ontwikkelt het landelijke beeld en heeft het overzicht en de kwaliteit om ketens in iedere fase (koud, lauw en warm) met elkaar te verbinden. Het onderhoudt en activeert benodigde netwerken voor een eenduidig informatiebeeld, duiding en coördinatie van activiteiten, en draagt bij aan eenduidige communicatie richting burgers.
Oplevering VR-simulatie buurtbatterijen
20 april 2022
Veiligheidsregio’s Haaglanden, Midden-West Brabant, Gelderland-Zuid en het NIPV ontwikkelden samen een virtual reality simulatie voor de brandweer om te oefenen met brand met buurtbatterijen.

Ook binnen de brandweer wordt steeds meer gebruik gemaakt van Virtual Reality (VR) voor het trainen van brandweermensen. In een digitale trainingsomgevingen kunnen situaties met een hoog risico veilig worden geoefend. Veiligheidsregio’s Haaglanden, Midden-West Brabant, Gelderland-Zuid en het NIPV ontwikkelden samen een VR-simulatie voor de brandweer om te oefenen met brand met buurtbatterijen.
Veiligheidsregio Midden-West Brabant ontwikkelde eerder al een VR-tool om brandweermensen te laten oefenen met brand bij zonnepanelen en kleine batterijen. Door de uitbreiding met buurtbatterijen kan nu ook worden geoefend met brandweeroptreden bij grotere energieopslagsystemen (EOS’en). Dit onderwerp leent zich bij uitstek om virtueel mee te oefenen, omdat het aantal buurtbatterijen en daarmee de mogelijkheid fysiek te oefenen nu nog beperkt zijn. Daarnaast biedt het een goed platform om de procedures die rondom incidentbestrijding bij EOS’en zijn ontwikkeld in de praktijk te toetsen. Het NIPV leverde kennis en expertise op zowel de inhoud van de simulatie (hoe ziet een EOS eruit, hoe treedt de brandweer hierbij op) als het proces van aanschaf van de VR-middelen en scenario-ontwikkeling.
Meer informatie
Neem voor meer informatie contact op met Eric Didderen.
Contact
NIPV en Stichting Salvage bundelen data krachten.
11 april 2022
Data verrijking levert meer inzicht op voor brandveiligheid en brandpreventie.

Vrijdag 8 april hebben Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) en Stichting Salvage een overeenkomst getekend waarin is afgesproken dat elkaars data, die betrekking hebben op branden in Nederland, worden aangevuld. Door deze samenwerking ontstaat meer inzicht in mogelijke brandoorzaken.
IJle Stelstra, directeur NIPV: ‘Samenwerken is essentieel om tot betere inzichten te komen voor onder andere woningbrandoorzaken. Daarmee dragen we bij aan het vergroten van de publieke veiligheid. Met Stichting Salvage vormen we op deze manier een steeds beter en betrouwbare bron van gegevens waar uit geput kan worden door betrokken partijen. Dat zijn de Veiligheidsregio’s, de meldkamer maar ook Stichting Salvage. En NIPV kan die data weer gebruiken voor veel (landelijke) onderzoeken op het gebied van brandveiligheid en preventie.’
Johan van den Berg, directeur Stichting Salvage vervolgt: ‘Door NIPV te helpen, aan te vullen in data en uiteindelijk meer sturingsinformatie, intelligence te bevorderen, kunnen de kolommen in de Veiligheidsregio zich beter voorbereiden op wat komen gaat in de toekomst. Andersom krijgt Salvage een beter beeld van de regio’s die nog meer gebruik kunnen maken van de dienstverlening van Salvage. Door nog meer betrokken te worden bij incidenten die binnen het mandaat vallen van Salvage (namens brandverzekeraars in Nederland) zal de ‘missing’ in de data die Salvage vervolgens weer verstrekt aan het NIPV, steeds minder worden.’
Kennis en ervaring zullen dankzij deze overeenkomst beter samen komen. NIPV beschikt over brandonderzoekers die grote en impactvolle branden onderzoeken, maar niet bij alle branden aanwezig kunnen zijn. Stichting Salvage is bij veel meer landelijke branden aanwezig. De stichting doet geen zelfstandig brandonderzoek maar registreert wel alle feiten en omstandigheden die op de incidentlocatie worden waargenomen waaronder ook een vermoedelijke oorzaak. Door de gegevens van Salvage samen te voegen met de dataset van NIPV kan een completer beeld worden gegenereerd met als doel mogelijke trends te kunnen waarnemen. Dit helpt zowel de veiligheidspartners binnen de Veiligheidsregio’s alsmede de verzekeringsbranche beter voorbereid te zijn op de toekomst.
Lees ook
Het NIPV heeft in opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid onderzoek gedaan naar de ervaringen van burgers met het NL-Alert bericht tijdens de jaarwisseling.
Welke maatregelen hebben Seveso-inrichtingen al genomen ter voorbereiding op een grootschalige en langdurige stroomuitvall? En met welke generieke maatregelen kunnen zij zich aanvullend voorbereiden?
Welke maatregelen hebben Seveso-inrichtingen al genomen ter voorbereiding op een grootschalige en langdurige stroomuitvall? En met welke generieke maatregelen kunnen zij zich aanvullend voorbereiden?
“Lokaal wat kan, landelijk wat moet”, zegt Olav Strotmann. Hij wil dat de brandweer nu de stap zet van leren, naar samen dóen.
Het Dagelijks Bestuur van het NIPV heeft Marthyne Kunst benoemd tot algemeen directeur van het instituut. Zij zal per 1 juni aan deze nieuwe uitdaging beginnen.
In een snelle kennismobilisatie zijn de belangrijkste vragen en dilemma’s rond noodsteunpunten in kaart gebracht/
Bij een crisis of ramp ligt de focus tijdens de acute fase op het bestrijden van het incident. Toch is het minstens zo belangrijk om in de acute fase vooruit te kijken naar wat daarna komt: de nafase.
In haar nieuwe functie van leider CoPI staat Claudia Prins-van Baar van Veiligheidsregio Hollands Midden midden in het crisisveld.
Per 1 maart 2026 start het NIPV met het tweejarige project Richtlijn nazorg en herstel.
- Pagina1
- Pagina2
- …
- Pagina70
- Volgende pagina
Werken aan een toekomstbestendige brandweer in Europa met het Officer Development Program (ODP)
31 maart 2022
Achttien Europese brandweerofficieren deden mee aan de eerste editie van het Europese Officer Development Program (ODP). Het doel van ODP is om leiders van de brandweer zich te laten buigen over strategische vraagstukken die van belang zijn voor de brandweer in Europa, nu en in de toekomst. ODP is een initiatief van de Federation of European Fire Officers (FEU), gefaciliteerd door NIPV. Deze organisaties hebben het programma gezamenlijk ontwikkeld.

Het programma kende korte online bijeenkomsten en een programma op locatie bestaande uit vijf dagen. Deze vijfdaagse vond plaats bij NIPV en een bezoek aan de Twente Safety Campus maakte deel uit van de week. In het programma stond het ‘futureproofen’ van de brandweer centraal en uitdagingen op het vlak van duurzaamheid zoals een veilige energietransitie en een meer diverse samenstelling van personeel van de brandweer. Als onderdeel was er aandacht voor hoe de brandweer als collectief een proactieve en positieve bijdrage aan Europees beleid kan leveren op het vlak van duurzaamheid en in algemene zin.
Basis voor toekomstige samenwerking
Marianne Heijndijk, projectleider FEU-ODP 2022 bij NIPV: “De deelnemers hebben kennis en ideeën opgedaan die ze direct in hun dagelijkse werk kunnen gebruiken. Ze leerden elkaar op professioneel en persoonlijk vlak kennen en ze hebben een mooie basis gelegd voor toekomstige samenwerking. Dat is ook een van de doelen die de FEU met dit programma heeft. Het is mooi dat we met een programma als ODP hier een bijdrage aan kunnen leveren.”
Vervolg
De FEU verwacht in de toekomst meer edities van het ODP programma aan te gaan bieden. Kijk voor meer informatie over de activiteiten op de website van de FEU.
Lees ook
Het NIPV heeft in opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid onderzoek gedaan naar de ervaringen van burgers met het NL-Alert bericht tijdens de jaarwisseling.
Welke maatregelen hebben Seveso-inrichtingen al genomen ter voorbereiding op een grootschalige en langdurige stroomuitvall? En met welke generieke maatregelen kunnen zij zich aanvullend voorbereiden?
Welke maatregelen hebben Seveso-inrichtingen al genomen ter voorbereiding op een grootschalige en langdurige stroomuitvall? En met welke generieke maatregelen kunnen zij zich aanvullend voorbereiden?
“Lokaal wat kan, landelijk wat moet”, zegt Olav Strotmann. Hij wil dat de brandweer nu de stap zet van leren, naar samen dóen.
Het Dagelijks Bestuur van het NIPV heeft Marthyne Kunst benoemd tot algemeen directeur van het instituut. Zij zal per 1 juni aan deze nieuwe uitdaging beginnen.
In een snelle kennismobilisatie zijn de belangrijkste vragen en dilemma’s rond noodsteunpunten in kaart gebracht/
Bij een crisis of ramp ligt de focus tijdens de acute fase op het bestrijden van het incident. Toch is het minstens zo belangrijk om in de acute fase vooruit te kijken naar wat daarna komt: de nafase.
In haar nieuwe functie van leider CoPI staat Claudia Prins-van Baar van Veiligheidsregio Hollands Midden midden in het crisisveld.
Per 1 maart 2026 start het NIPV met het tweejarige project Richtlijn nazorg en herstel.
- Pagina1
- Pagina2
- …
- Pagina70
- Volgende pagina
NIPV tijdelijk geassocieerd lid Vereniging Hogescholen
30 maart 2022
Op dinsdag 29 maart is het memorandum van overeenstemming getekend tussen de Vereniging Hogescholen (VH) en het NIPV.

IJle Stelstra, algemeen directeur NIPV, : “Deze ondertekening is een belangrijke mijlpaal voor NIPV om het onderwijs en de lectoraten een stevige plek in het onderwijs- en onderzoeksveld te kunnen (blijven) geven”. Voorzitter Maurice Limmen van VH vult aan: “We verwelkomen het NIPV als lid van de Vereniging Hogescholen en samen bouwen we verder aan een innovatieve hbo-sector.”
Aanleiding voor het sluiten van deze overeenkomst is het feit dat de bepaling uit de Wet veiligheidsregio’s voor het NIPV, namelijk het ontwikkelen en in stand houden van expertise, zo nodig door het verrichten van toegepast wetenschappelijk onderzoek op het gebied van de brandweerzorg, de rampenbestrijding, de crisisbeheersing en de geneeskundige hulpverlening, op gespannen voet kwam te staan met de Wet hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek.
Het NIPV is géén hogeschool, maar heeft wèl een zelfstandige, praktijkgerichte onderzoekstaak en die – om redenen van herkenbaarheid voor de buitenwereld – heeft georganiseerd in lectoraten met lectoren in dienst. Volgens de Wet hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek is dat echter niet toegestaan
Memorandum van overeenstemming en voorwaarden
Het memorandum van overeenstemming biedt hierin de oplossing voor beide partijen. Het NIPV wordt toegelaten als tijdelijk geassocieerd lid van de VH. De VH heeft belang bij het borgen van de kwaliteit van de lectoraten van het NIPV: de statuten en het huishoudelijk reglement van de VH worden aangepast.
Voorwaarde voor het tijdelijk geassocieerd lidmaatschap is dat we binnen een periode van 5 jaar een geaccrediteerde bacheloropleiding (mede)aanbieden, waarna het NIPV geassocieerd lid is. Daar worden door het NIPV al stappen in gezet:
- Er is een samenwerkingsverband aangegaan met Saxion Hogescholen om een hbo-bacheloropleiding te gaan verzorgen
- Daarnaast verzorgt het NIPV samen met de Politieacademie de onbekostigde masteropleiding Master of Crisis and Public Order Management.
Lees ook
Het NIPV heeft in opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid onderzoek gedaan naar de ervaringen van burgers met het NL-Alert bericht tijdens de jaarwisseling.
Welke maatregelen hebben Seveso-inrichtingen al genomen ter voorbereiding op een grootschalige en langdurige stroomuitvall? En met welke generieke maatregelen kunnen zij zich aanvullend voorbereiden?
Welke maatregelen hebben Seveso-inrichtingen al genomen ter voorbereiding op een grootschalige en langdurige stroomuitvall? En met welke generieke maatregelen kunnen zij zich aanvullend voorbereiden?
“Lokaal wat kan, landelijk wat moet”, zegt Olav Strotmann. Hij wil dat de brandweer nu de stap zet van leren, naar samen dóen.
Het Dagelijks Bestuur van het NIPV heeft Marthyne Kunst benoemd tot algemeen directeur van het instituut. Zij zal per 1 juni aan deze nieuwe uitdaging beginnen.
In een snelle kennismobilisatie zijn de belangrijkste vragen en dilemma’s rond noodsteunpunten in kaart gebracht/
Bij een crisis of ramp ligt de focus tijdens de acute fase op het bestrijden van het incident. Toch is het minstens zo belangrijk om in de acute fase vooruit te kijken naar wat daarna komt: de nafase.
In haar nieuwe functie van leider CoPI staat Claudia Prins-van Baar van Veiligheidsregio Hollands Midden midden in het crisisveld.
Per 1 maart 2026 start het NIPV met het tweejarige project Richtlijn nazorg en herstel.
- Pagina1
- Pagina2
- …
- Pagina70
- Volgende pagina
Loftrompet voor het Rode Kruis
22 maart 2022
Van nuffig imago naar professionele organisatie: Rode Kruis speelt na jaren weer een rol van betekenis.

Ik zit nu al ruim 35 jaar in het vak van de rampenbestrijding en crisisbeheersing. In die jaren heb ik regelmatig direct of indirect te maken gehad met het Rode Kruis (RK). En… de eerste dertig jaar was dat vaak niet alleen maar positief. Vele jaren lang had het Rode Kruis in het kader van de Nederlandse rampenbestrijding een nuffig imago. Overwegend oude mannen waren vooral bezig met het behartigen van het Rode Kruis belang maar feitelijk was het Rode Kruis van bijzonder weinig waarde voor die rampenbestrijding.
Men kon geneeskundige colonnes ophoesten en speelde een rol bij een eventuele opvang van slachtoffers (dat dan weer met oude breidende dames) maar in de praktijk had je daar weinig aan gedurende de eerste uren. Kortom – de lezer begrijpt het – ik kleur het wat extra in, maar feitelijk speelde het Rode Kruis bij rampen en crisis in het eigen land (let op: over de rol van het Rode Kruis ver weg gaat dit stukje niet!) geen enkele rol van betekenis. Regio’s waren ook steeds minder bereid een cent aan die rol van het Rode Kruis uit te geven.
Hoe anders is dat de laatste jaren. Waarschijnlijk hebben nieuw binnengekomen directieleden en andere jonge enthousiaste medewerkers een ‘boost’ gegeven aan de organisatie. Daarbij zal zeker de komst en het initiatief van Ready2Help en recente crises een fors vliegwieleffect hebben gesorteerd.
Een aantal jaren geleden startte het RK met het idee (onder andere geïnspireerd door het Oostenrijkse RK) om een nieuw type vrijwilligers te werven – burgerhulpverleners – en die bij rampen en crisis dan flexibel in te kunnen zetten, op oproepbasis, zonder verplichte tijdsinvestering of trainingen. Zelf betwijfelde ik of het zou gaan werken in een land dat gelukkig zo schaars rampspoed kende. Snel waren er enkele duizenden Ready2Helpers en tijdens de vluchtelingencrisis van 2015-2016 steeg dat naar enkele tienduizenden. In de jaren daarna was er minder te doen, op enkele initiatieven na, zoals bijvoorbeeld de samenwerking met de politie om te ondersteunen bij het zoeken naar urgent vermiste personen en het ondersteunen van waterschappen met het leggen van zandzakken.
De echte vlucht naar voren kwam natuurlijk met de coronacrisis. Bij deze crisis bleek het systeem van Ready2Help van grote waarde en nam het aantal Ready2Helpers ook toe van 43.000 naar ruim 90.000. Op veel manieren verleenden deze vrijwilligers van het RK hand en spandiensten, zoals het inpakken en uitdelen van voedselpakketten, begeleiden van patiënten in zorginstellingen, ondersteuning in test- en vaccinatiestraten van de GGD, inrichten van opvanglocaties voor dak- en thuisloze personen en het doen van boodschappen voor kwetsbare mensen in thuisisolatie.
Inmiddels zijn er bijna 100.000 vrijwilligers bij Ready2Help en is het Rode Kruis soepel van de coronacrisis overgestapt naar de Oekraïnecrisis en speelt het inmiddels al een cruciale rol bij de opvang. Daarbij is het RK niet alleen een organisatie met een groot leger aan vrijwilligers maar ook inmiddels met een goede professionele organisatie geworden die heel goed weet dat ze met vele andere partners – en een stevig netwerk – een betekenisvolle rol kan spelen. Hulde dus.
Menno van Duin, lector Crisisbeheersing
Lees ook
Het NIPV heeft in opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid onderzoek gedaan naar de ervaringen van burgers met het NL-Alert bericht tijdens de jaarwisseling.
Welke maatregelen hebben Seveso-inrichtingen al genomen ter voorbereiding op een grootschalige en langdurige stroomuitvall? En met welke generieke maatregelen kunnen zij zich aanvullend voorbereiden?
Welke maatregelen hebben Seveso-inrichtingen al genomen ter voorbereiding op een grootschalige en langdurige stroomuitvall? En met welke generieke maatregelen kunnen zij zich aanvullend voorbereiden?
“Lokaal wat kan, landelijk wat moet”, zegt Olav Strotmann. Hij wil dat de brandweer nu de stap zet van leren, naar samen dóen.
Het Dagelijks Bestuur van het NIPV heeft Marthyne Kunst benoemd tot algemeen directeur van het instituut. Zij zal per 1 juni aan deze nieuwe uitdaging beginnen.
In een snelle kennismobilisatie zijn de belangrijkste vragen en dilemma’s rond noodsteunpunten in kaart gebracht/
Bij een crisis of ramp ligt de focus tijdens de acute fase op het bestrijden van het incident. Toch is het minstens zo belangrijk om in de acute fase vooruit te kijken naar wat daarna komt: de nafase.
In haar nieuwe functie van leider CoPI staat Claudia Prins-van Baar van Veiligheidsregio Hollands Midden midden in het crisisveld.
Per 1 maart 2026 start het NIPV met het tweejarige project Richtlijn nazorg en herstel.
- Pagina1
- Pagina2
- …
- Pagina70
- Volgende pagina
Blog: Zowel één landelijk als lokale steunpunten gewenst!*
14 maart 2022
Voorkom dat mensen van het kastje naar de muur worden gestuurd.

Jan Mans – burgemeester van Enschede ten tijde van de vuurwerkramp – werd in 2000 overvallen toen opeens een legertje ambtenaren van VWS op de stoep stond in het gemeentehuis van Enschede en hem aangaf dat een informatie- en adviescentrum zou worden opgestart.
Dit onverwachte activisme vanuit het ministerie was een rechtstreeks gevolg van de parlementaire enquêtecommissie Bijlmerramp (rapport verscheen in 1999) die vaststelde dat indertijd in 1992 een goede gecoördineerde informatievoorziening ontbrak. De toenmalige minister (mevrouw Borst) moest bijna aftreden en had in 2000 haar lesje geleerd.
De kern van een IAC is dat het uitgaat van de één loketfunctie. Een slachtoffer van een calamiteit of andere directe betrokkene dient niet steeds van het kastje naar de muur te worden gestuurd. Er wordt fysiek dan wel virtueel één plaats gecreëerd waar deze persoon terecht kan. Achter dat ene loket zijn dat verschillende hulp- en ondersteuningsfuncties (over onderdak en wonen, over werk en uitkering, over medische en psychosociale zorg, e.v.) verenigd. Het zal duidelijk zijn dat bij een ’klassieke’ ramp die zich op één plaats voltrekt, het organiseren van een IAC nog betrekkelijk eenvoudig is. De nabestaanden van MH-17 woonden door het gehele land en toen is dan er ook voor gekozen een digitaal centrum in te richten.
Bij de coronacrisis zagen wij wel vele plekken waar mensen informatie konden verkrijgen (Infoportalen) maar lang niet iedereen was op de hoogte van al deze – veelal gescheiden – informatie- en adviespunten.
In deze Oekraïne-situatie is het zeker ook ingewikkeld hoe je dat het beste kan organiseren; we zien al vele initiatieven en coördinatiepunten. Op landelijk niveau lijkt met het Knooppunt Coördinatie en Informatie Oekraïne (KCIO) een centrale actor in de maak die zowel de professionals als de burgers kan ondersteunen. Daarvoor is het nodig dat dit punt (of een ander) wel het landelijk aangewezen centrale punt wordt met een duidelijk budget, mandaat en bevoegdheden.
Al zal dit de duidelijkheid en communicatie landelijk aanmerkelijk kunnen bevorderen, hiermee zijn we er zeker nog niet. In een fors aantal steden (naar schatting zo’n 50-75, maar ook denkbaar is dat alle gemeenten een apart herkenbaar loket inrichten) zal ook een fysiek IAC ingericht moeten worden. Een plek waar Oekraïners (en mogelijk straks ook Russen) maar ook de eigen inwoners in de regio terecht kunnen voor informatie en advies.
Menno van Duin, lector Crisisbeheersing
* Michel Duckers, Marleen Kraaij, IJle Stelstra, Maaike van Dam en Vina Wijkhuijs dank voor het meelezen
Lees ook
Het NIPV heeft in opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid onderzoek gedaan naar de ervaringen van burgers met het NL-Alert bericht tijdens de jaarwisseling.
Welke maatregelen hebben Seveso-inrichtingen al genomen ter voorbereiding op een grootschalige en langdurige stroomuitvall? En met welke generieke maatregelen kunnen zij zich aanvullend voorbereiden?
Welke maatregelen hebben Seveso-inrichtingen al genomen ter voorbereiding op een grootschalige en langdurige stroomuitvall? En met welke generieke maatregelen kunnen zij zich aanvullend voorbereiden?
“Lokaal wat kan, landelijk wat moet”, zegt Olav Strotmann. Hij wil dat de brandweer nu de stap zet van leren, naar samen dóen.
Het Dagelijks Bestuur van het NIPV heeft Marthyne Kunst benoemd tot algemeen directeur van het instituut. Zij zal per 1 juni aan deze nieuwe uitdaging beginnen.
In een snelle kennismobilisatie zijn de belangrijkste vragen en dilemma’s rond noodsteunpunten in kaart gebracht/
Bij een crisis of ramp ligt de focus tijdens de acute fase op het bestrijden van het incident. Toch is het minstens zo belangrijk om in de acute fase vooruit te kijken naar wat daarna komt: de nafase.
In haar nieuwe functie van leider CoPI staat Claudia Prins-van Baar van Veiligheidsregio Hollands Midden midden in het crisisveld.
Per 1 maart 2026 start het NIPV met het tweejarige project Richtlijn nazorg en herstel.
- Pagina1
- Pagina2
- …
- Pagina70
- Volgende pagina
