Blog: Vooruitkijken in een tijd die sneller verandert dan onze ogen kunnen bijhouden

Nieuws van het programma Klimaatveiligheid, juni 2026

Uit: burgemeestersblad editie mei 2026
Tekst: Annemieke Nijhof, Algemeen directeur Deltares

Annemieke is sinds 2020 algemeen directeur van Deltares. En werkt al bijna dertig jaar aan verschillende aspecten van een duurzame leefomgeving.

Annemieke Nijhof.

De afgelopen jaren hebben ons opnieuw wakker geschud. We kregen uitzonderlijke neerslag en overstromingen, langdurige droogte waardoor sluizen niet meer open konden, verzakkingen door lage grondwaterstanden, scheepvaart die stilviel en natuurbranden met grote ecologische schade als gevolg. Daarnaast zien we steeds vaker dat één incident niet op zichzelf staat. Uitval van elektriciteit kan leiden tot uitval van telecommunicatie, met gevolgen voor de inzet van hulpdiensten. Onze systemen zijn sterker verweven dan waarmee we lang rekening hielden.

In het recente Deltares-rapport over klimaatdreigingen en cascade-effecten maakten we dat opnieuw zichtbaar. We tonen hoe de effecten van langdurige droogte, hittegolven en natuurbranden elkaar kunnen versterken, en hoe een lokaal probleem kan uitgroeien tot regionale of zelfs landelijke impact wanneer vitale infrastructuren geraakt worden. Klimaatdreigingen komen steeds vaker samen voor. Ze stapelen, versterken elkaar en leggen waarheden bloot die lang impliciet zijn gebleven.

Dat vraagt niet om somberheid, maar om realisme. We kunnen extreme klimaat- of natuurgebeurtenissen niet uitsluiten. Wat we wél kunnen, is hiermee rekening houden, de gevolgen beperken en onze systemen zo organiseren dat we sneller herstellen wanneer er iets misgaat.

Langs drie lijnen zie ik urgente opgaven, én kansen om samen sterker te worden.

1. Klimaatadaptatie integreren met crisisrespons

We hebben lang gedacht in stappen: eerst voorkomen, dan voorbereiden, dan reageren. Maar het klimaat volgt onze volgorde niet. Droogte loopt door in hitte. Droogte vergroot de kans op natuurbrand. Natuurbrand en hitte kunnen leiden tot lokale uitval van stroom, en daarmee na verloop ook van telecommunicatie.

Toen we dit scenario doorleefden met partners, zagen we dat dit leidde tot druk op de zorg, bereikbaarheid, drinkwater en energievoorziening. Allemaal tegelijk.

Het vraagt van ons dat we klimaatadaptatie en crisisbeheersing niet langer als twee werelden beschouwen. Bij keuzes voor grote aanpassingen aan onze infrastructuur, zoals dijkversterkingen, waterberging, koelte, infrastructuur en ruimtelijke inrichting, moeten we ook rekening houden met de effecten tijdens crises. Daarmee vergroten we niet alleen onze bescherming, maar ook onze flexibiliteit wanneer een situatie omslaat. Adaptatie en respons zijn geen aparte hoofdstukken.

2. Meerlaagsveiligheid: ruimtelijke keuzes zíjn veiligheidskeuzes

Nederland is groot geworden door te leren na impactvolle gebeurtenissen, met innovatieve oplossingen: de Afsluitdijk, Deltawerken en Ruimte voor de Rivier. Maar de vraag die nu voorligt, is of we opnieuw willen wachten tot we gedwongen worden tot ingrijpen.

We hebben in Nederland beperkte ruimte voor aanpassingen en er zijn grenzen aan wat ons water- en bodemsysteem aan kan. In natte perioden raken buffergebieden vol. Bij langdurige wind uit één richting kunnen waterstanden verder stijgen dan waar onze infrastructuur op is berekend. Onze natuurgebieden worden gevoeliger voor brand. We zien dat hulpdiensten steeds vaker met personeelsschaarste en gelijktijdige incidenten te maken krijgen.

Daarbij komt dat veel Nederlanders veiligheid als vanzelfsprekend ervaren. Maar het past bij deze tijd om met elkaar te erkennen dat absolute veiligheid niet bestaat. Wat we kunnen doen, is ruimte creëren om te handelen, risico’s verkleinen en gevolgen beperken. Met aandacht voor sociaal kwetsbare groepen.

Denken in oplossingen in meerlaagsveiligheid is nog belangrijker geworden. Het dwingt ons na te denken over preventie, ruimtelijke inrichting en crisisbeheersing tegelijk. Het maakt zichtbaar dat keuzes over woningbouw, infrastructuur, energievoorziening en economische ontwikkeling óók veiligheidskeuzes zijn.

3. Voorbereid op het onbekende: werken met what if-scenario’s

Veel van wat we nu meemaken, viel twintig jaar geleden buiten ons denkvermogen. Extreem weer, compound events en snelle cascade-effecten passen niet in oude statistieken. Daarom pleit ik voor een bestuurscultuur waarin we het onbekende niet schuwen.

What if-scenario’s, doorlevingen en stresstesten helpen om te onderzoeken wanneer en waar het systeem knelt bij situaties waarover we liever niet nadenken. Zo krijgen we inzicht in gevolgen voor onze maatschappij, en wordt zichtbaar waar schaarste aan mensen en materieel bepalend kan zijn.

Wat betekent dat voor veiligheidsregio’s?

Voor veiligheidsregio’s betekent dit dat klimaatdreigingen steeds minder als losse gebeurtenissen kunnen worden benaderd. Hitte, droogte, natuurbrand, wateroverlast en druk op vitale infrastructuur kunnen gelijktijdig optreden.

Het is daarom belangrijk om klimaatdreigingen niet langer als losse gebeurtenissen te behandelen, maar als verschijnselen die met elkaar samenhangen. Dat begint met het gesprek: met gemeenten, waterschappen, netbeheerders, zorginstellingen en uitvoerders die dagelijks met de gevolgen van extreme omstandigheden te maken hebben.

Daarnaast vraagt deze tijd dat ruimtelijke keuzes en veiligheidsvragen veel sterker met elkaar worden verbonden. Waar we woningen bouwen, de openbare ruimte inrichten en energievoorzieningen plaatsen: al die besluiten hebben gevolgen voor hoe goed we als samenleving kunnen omgaan met extremen.

Tot slot wil ik benadrukken hoe waardevol regelmatig oefenen is, niet alleen met gebruikelijke partners maar ook met partijen die vaak pas in beeld komen als er al druk op het systeem staat: netbeheerders, drinkwaterbedrijven, zorginstellingen en infrastructuurbeheerders.

Door samen een scenario te doorleven, ontstaat inzicht in afhankelijkheden die in rustige tijden onzichtbaar blijven. Niet om te beloven dat alles veilig is, maar om te laten zien dat we er alles aan doen om voorbereid te zijn.

Meer informatie (bij een rapport deze tussenkop en paragraaf niet gebruiken, maar het downloadblok hieronder)

Lees het rapport