Blog: Een watertekort kan er ook nog wel bij …
5 augustus 2022
“Uiteraard zijn de waterschappen en Rijkswaterstaat waakzaam voor de mogelijke gevolgen, maar ervaringen uit het verleden leren dat ook gemeenten en veiligheidsregio’s verhoogd waakzaam zouden mogen zijn”, bloggen Menno van Duin, Frank Cools en Vina Wijkhuijs.

Het is al eerder gezegd, we rollen van de ene crisis in de andere crisis. Terecht kan de vraag worden gesteld wat nu werkelijk een crisis is en wat niet, maar feit is dat het sinds begin 2020 niet meer rustig is geweest in ons land (en daarbuiten). Natuurlijk heeft het geen zin om alles een crisis te noemen – of in de heldere woorden van professor Arjen Boin: “Als we alles een crisis noemen, is niets een crisis meer” ‒ en heeft het tv-programma EenVandaag in een op zich aardige animatie geprobeerd uit te leggen wat dan wel een crisis is. [1] Nu is dat filmpje enigszins beperkt, omdat daarin een crisis een-op-een gerelateerd wordt aan de nationale crisisstructuur, alsof gemeenten en veiligheidsregio’s bij een crisis geen rol zouden hebben. Ook zonder opschaling naar een Ministeriële Commissie Crisisbeheersing (MCCb) ‒ en een serieus kijkende premier Rutte ‒ kan er sprake zijn van een crisis.
Met het staartje van de coronacrisis (wat gaat er nog komen?), een mogelijk toch wat snel verspreidend apenpokkenvirus en natuurlijk de vluchtelingencrisis is er sinds 3 augustus officieel een nieuwe crisis bijgekomen, namelijk de watercrisis. Er is officieel sprake van waterschaarste en dat betekent dat het landelijke managementteam watertekorten (afgekort MTW) vanaf nu gerechtigd is de verdeling van (mogelijk schaars wordend) water te bepalen. De langdurige droogte (als gevolg van de hitte en het gebrek aan neerslag) eist zijn tol. De waterstanden van de grote rivieren zijn extreem laag. Dat heeft gevolgen voor de scheepvaart, maar ook voor de hoeveelheid drinkwater; een fors deel van ons drinkwater komt immers uit de Maas en de Rijn. En dan te bedenken dat net iets meer dan een jaar geleden Valkenburg en andere gemeenten fors getroffen werden door extreme wateroverlast. Het MTW, waarin onder andere Rijkswaterstaat, de waterschappen en drinkwaterbedrijven participeren, coördineert de verdeling van het (schaarse) water. Er is inmiddels opgeschaald naar niveau 2 (feitelijk watertekort) en bij opschaling naar niveau 3 is er sprake van een (dreigende) nationale crisis.
Uiteraard zijn de waterschappen en Rijkswaterstaat waakzaam voor de mogelijke gevolgen, maar ervaringen uit het verleden leren dat ook gemeenten en veiligheidsregio’s verhoogd waakzaam zouden mogen zijn. Zo was er in 2003 een dijkverschuiving bij Wilnis waardoor de achterliggende woonwijk onder water liep. De langdurige droogte en de lage waterstand hadden de veenkade verzwakt. Hoewel de directe gevolgen beperkt bleven, zag de gemeente De Ronde Venen zich geconfronteerd met een enorme som aan herstelkosten en diende ze bij het Rijk een verzoek in voor een rijksbijdrage. Over deze casus heeft menig jurist zich indertijd gebogen. De afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State hanteerde het toen geldende criterium van een ramp en ging ervan uit dat onder meer een gecoördineerde inzet van diensten en organisaties vereist is. De rechter kwam daarbij tot de conclusie dat alleen bij GRIP-2 (of hoger) er sprake is van een dergelijke gecoördineerde inzet. De gemeente kwam niet in aanmerking voor de kosten die waren gemaakt nadat er was afgeschaald naar GRIP-1 of lager, waardoor de gemeente die kosten uiteindelijk zelf diende te dragen. [2] Het advies aan veiligheidsregio’s is daarom: houd eventueel straks (net iets langer) een ROT (regionaal operationeel team) in de lucht – je weet maar nooit!
Menno van Duin, Frank Cools, Vina Wijkhuijs
lectoraat Crisisbeheersing
[1] Wat er moet gebeuren om iets een crisis te noemen (YouTube)
Lees ook
Het Ministerie van Justitie en Veiligheid en de Unie van Waterschappen hebben aan het NIPV gevraagd onderzoek te doen naar de wijze waarop de positie van waterschappen in de crisisbeheersing versterkt kan worden, met name door de samenwerking tussen waterschappen en veiligheidsregio’s te verbeteren.
Ventilatie en detectie van waterstof zijn twee maatregelen die cruciaal zijn om explosiegevaar te beperken. Kennis en informatie hierover zijn beperkt beschikbaar. Om dit kennishiaat te vullen, heeft het NIPV een literatuuronderzoek uitgevoerd.
Het LEC Industriële Veiligheid heeft in 2024 stevig geïnvesteerd in zijn positie als kennisplatform voor het veiligheidsdomein.
De wereld is volop in beroering. Tijdens de komende netwerkdag van het LEC Industriële Veiligheid op 13 maart ligt de focus op dit veranderende dreigingsbeeld, waar ook industriële bedrijven zich op moeten prepareren.
Kort voor het kerstreces heeft de staatssecretaris van IenW een brief aan de Tweede Kamer gestuurd over een robuust basisnet en de veiligheid van spoorwegemplacementen.
De trainees omgevingsveiligheid die afgelopen najaar aan de slag zijn gegaan, hebben hun plek bij de veiligheidsregio’s gevonden. Ook de landelijke samenwerkingsnetwerken, zoals het LEC IV plukken daar de vluchten van.
Door de inwerkingtreding van de Omgevingswet en andere nieuwe ontwikkelingen was het nodig om de kennisbundels te actualiseren.
Officieren van dienst (OvD’s) testen de meerwaarde van AR tijdens praktijkoefeningen. OvD Harco van Oorschot: “Het zou wat mij betreft onderdeel van het brandweeronderwijs moeten zijn.”
“Met onze nieuwe voertuigen zijn we flexibeler als er een grote natuurbrand is.” Christiaan Velthausz is teamleider bij Fire Bucket Operations (FBO). “Deze sterk terreinvaardige wagens helpen ons ook beter samen te werken met de lokale leiding tijdens een natuurbrand.”
Vorige pagina - Pagina1
- …
- Pagina3
- Pagina4
- Pagina5
- …
- Pagina43
- Volgende pagina