label Fysiek veilige leefomgeving

Brandveiligheid woongebouwen: tussen regels en realiteit

22 mei 2026

De zorg in ons land is de laatste 10 jaar sterk verschoven naar zelfstandig wonen. Steeds meer mensen met een (zwaardere) zorgvraag wonen in reguliere woongebouwen. Het brandveiligheidsbeleid en de bijbehorende voorschriften zijn niet in hetzelfde tempo meegegroeid. In opdracht van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO) heeft het NIPV onderzocht hoe in de praktijk wordt omgegaan met de brandveiligheid in woongebouwen waarin mensen met een zorgvraag wonen.

Foto: IStock.

Onderzoeksaanpak

Projectleider en senior onderzoeker Johan van der Graaf: “De kern van het onderzoek bestond uit 17 gebouwbezoeken. Op basis van deze gebouwbezoeken, gesprekken en andere informatie, zoals gebruiksmeldingen, ontruimingsplannen en websites, hebben we een beeld geschetst van hoe ‘wonen met zorg’ er in de dagelijkse praktijk uitziet. Daarnaast hebben we met een literatuuronderzoek het landschap van wonen met zorg systematisch in kaart gebracht. Ook hebben we de historische ontwikkeling van wonen met zorg beschreven. En hebben we een literatuurstudie gedaan naar bestaande onderzoeken over brandveiligheid bij ouderen en anderen kwetsbare groepen.”

Nieuwe realiteit voor wonen, zorg en brandveiligheid

“Uit ons onderzoek blijkt dat door de verplaatsing van zorg van instelling naar thuis, de beperkte verpleeghuiscapaciteit en de wens van mensen om langer in hun eigen woonomgeving te blijven, er thuissituaties ontstaan zonder de brandveiligheidsvoorzieningen die in instellingen normaal zijn. Dit levert in de praktijk onduidelijkheid en spanningen op over passende brandveiligheidsmaatregelen in woningen waarin zorg wordt verleend en over wie waarvoor verantwoordelijk is”, vertelt Van der Graaf.

Lees het rapport

Het rapport bestaat uit drie samenhangende delen met elk een ander perspectief. Deel 1 geeft de belangrijkste bevindingen en conclusies. Deel 2 beschrijft de onderbouwing vanuit de praktijk, terwijl deel 3 een onderbouwing geeft vanuit theorie en beleid.