Samenvatting
Bestuurders door het hele land krijgen in toenemende mate te maken met veiligheidsrisico’s van de energietransitie. Mede hierom heeft het Veiligheidsberaad een portefeuillehouder
aangewezen die verkent wat de uitdagingen en mogelijkheden zijn voor lokale bestuurders op dit thema. De resultaten van deze verkennende studie dienen ter advies van de portefeuillehouder. Ze geven een overzicht van de meest relevante nieuwe risico’s voor bestuurders. Daarnaast worden in dit rapport de instrumenten verkend die regionale en lokale bestuurders tot hun beschikking hebben om met deze nieuwe risico’s om te gaan.
Bijzondere aandacht
Uit dit onderzoek volgen drie risico’s die bijzondere aandacht vergen. Deze risico’s hebben namelijk zowel een reële kans van optreden als ook mogelijk ernstige effecten:
- Een toenemende elektrificatie van processen in woningen in samenhang met het toepassen van meer ‘duurzame’ materialen in de woonomgeving.
- Een groeiend aantal (grootschalige) batterij-elektrische energieopslagsystemen.
- Toenemend transport van gevaarlijke stoffen als gevolg van de energietransitie.
Omgaan met geïdentificeerde risico’s
Regionale en lokale bestuurders hebben (slechts) beperkte mogelijkheden om met de drie geïdentificeerde risico’s om te gaan. Risicobeperkende maatregelen voor wat betreft de
toenemende elektrificatie van processen in woningen, als ook het transport van gevaarlijke stoffen, worden grotendeels voorgeschreven op nationaal niveau. Regionale en lokale
bestuurders hebben voor deze nieuwe gevaren van de energietransitie dus weinig instrumenten tot hun beschikking. Zowel veiligheidsregio’s als gemeenten kunnen inzetten
op risicocommunicatie, of lobbyen voor effectieve nationale maatregelen. Regionale en lokale bestuurders hebben ruimere mogelijkheden wat betreft het beperken van risico’s rondom grootschalige batterij-elektrische energieopslagsystemen (EOS’en). In afwachting van aanstaande nationale regelgeving op dit vlak, staat het gemeenten nu al vrij om nieuw te bouwen EOS’en vergunningplichtig te stellen en te laten voldoen aan de PGS-37-1 richtlijn. Bovendien kan de gemeente actief sturen op preferente locaties van EOS’en om de overlast van mogelijke incidenten te verkleinen. Veiligheidsregio’s kunnen hun adviesrol gebruiken om de gemeente te adviseren over de invloed ervan op omgevingsveiligheid en de (on)mogelijkheden van incidentbestrijding.
Aanbevelingen
De aanbevelingen zijn opgesplitst in aanbevelingen voor landelijke, regionale, en lokale bestuurders. Op landelijk niveau zijn deze onder andere gericht op het aansturen op snelle invoering van regelgeving voor veiligheid van de elektrificatie in woningen (in het bijzonder thuisbatterijen). Daarnaast zijn de aanbevelingen op nationaal niveau gericht op regelgeving
voor transport van gevaarlijke stoffen (zoals ammoniak). Hierbij moet aandacht worden besteed aan zowel de effecten van mogelijke incidenten, als ook aan de beheersbaarheid van deze incidenten. Op regionaal niveau kunnen veiligheidsregio’s adviseren over risicobeperkende maatregelen voor energieopslagsystemen. Beter zicht op het incidentverloop als ook de beheersbaarheid van ongevallen met gevaarlijke stoffen kan gemeenten helpen bij hun besluit om ruimte langs transportroutes al dan niet aan te wijzen als voorschriftengebieden. Tot slot kunnen gemeenten op lokaal niveau risico mitigerende maatregelen treffen voor (grootschalige) EOS’en via bijvoorbeeld het omgevingsplan.
Download het rapport
Heeft u een vraag over dit onderzoek?
Neem contact met ons op via dit formulier. Uw gegevens worden alleen gebruikt voor correspondentiedoeleinden.
Velden gemarkeerd met * zijn verplicht
