Publiek-civiele samenwerking belangrijk voor noodsteunpunten tijdens crises 

17 september 2026

Hoe kunnen overheden, maatschappelijke organisaties en inwoners elkaar versterken bij de inrichting en inzet van noodsteunpunten? In de derde snelle kennismobilisatie binnen het ‘Landelijk project noodsteunpunten’ onderzocht het NIPV welke factoren publiek-civiele samenwerking vóór en tijdens crises bevorderen of belemmeren. De publicatie draagt bij aan de kennisbasis voor de landelijke pilots met noodsteunpunten en coördinatiepunten in 2026.

Foto: NIPV.
Foto: NIPV.

Van samenwerking naar samenwerken 

De manier waarop naar crisisbeheersing wordt gekeken verandert. Waar crisisrespons lange tijd vooral was gebaseerd op hiërarchische sturing, ligt de nadruk steeds meer op coördinatie, coöperatie en een actieve rol van de samenleving. Maatschappelijke weerbaarheid, samenredzaamheid en de zogenoemde whole-of-society-benadering staan daarbij centraal. 

Effectieve crisisrespons is niet alleen afhankelijk van formele samenwerking en afstemming. Minstens zo belangrijk is het creëren van omstandigheden waarin verschillende partijen vanuit hun eigen rol kunnen bijdragen aan een gezamenlijk doel. Tijdens een crisis kan het daardoor belangrijker zijn om goed met elkaar te kunnen samen werken dan om steeds meer formele samenwerking te organiseren. 

Maatschappelijke initiatieven van grote waarde 

Tijdens crises ontstaat vrijwel altijd een geïmproviseerd netwerk van organisaties die betrokken zijn bij crisisbeheersing. Maatschappelijke initiatieven beschikken over waardevolle lokale kennis, netwerken, faciliteiten en vrijwilligerscapaciteit. Zogenoemde uitbreidende en emergente organisaties, zoals buurthuizen, sportverenigingen, scholen en spontaan ontstane vrijwilligersinitiatieven, kunnen daarmee een belangrijke aanvulling vormen op de reguliere crisisrespons. Zij kunnen inspelen op behoeften waarvoor bestaande structuren niet altijd direct een oplossing bieden. 

Wat bevordert succesvolle samenwerking? 

Enkele belangrijke bevorderende factoren zijn: 

  • Wederzijds vertrouwen en openheid
  • Kennis van elkaars rollen, mogelijkheden en werkwijzen
  • Gezamenlijke oefeningen en ruimte om te leren en experimenteren
  • Aansluiting bij bestaande lokale netwerken en gemeenschappen
  • Een open en gelijkwaardige houding van alle betrokken partijen
  • Een goede balans tussen coördinatie en flexibiliteit

Onderzoeker Adriëlle de Haan: “Deze snelle kennismobilisatie benadrukt het belang van een uitgangspunt waarin inwoners niet worden gezien als hulpeloos, maar als veerkrachtige mensen die tijdens crises ook zelf initiatief nemen en anderen helpen.”

Wat betekenen deze inzichten voor noodsteunpunten? 

Adriëlle: ‘Een noodsteunpunt kan niet zelfstandig voorzien in de verschillende behoeften die tijdens een crisis kunnen ontstaan. Voor noodsteunpunten betekent dit dat samenwerking met maatschappelijke organisaties en initiatieven een belangrijk onderdeel is.’ Lokale partners kunnen bijvoorbeeld locaties beschikbaar stellen, vrijwilligers inzetten of ondersteuning bieden aan specifieke doelgroepen. 

Aanvullend volgen uit de kennismobilisatie vijf belangrijke inzichten voor noodsteunpunten: 

  1. Er bestaat niet één formule voor een succesvolle samenwerking
  2. Overheidsorganisaties moeten blijven redeneren vanuit het perspectief van inwoners. 
  3. Het ontdekken van werkbare vormen van samenwerking vraagt ruimte voor leren en experimenteren. 
  4. Duidelijke afspraken over taken en verantwoordelijkheden helpen bij de voorbereiding van noodsteunpunten, mits voldoende flexibiliteit in procedures wordt geborgd
  5. De rol en houding van overheden ten opzichte van maatschappelijke initiatieven vragen om een balans tussen faciliteren en regisseren. 

Lees de volledige Snelle Kennismobilisatie Publiek-civiele samenwerking