College van Commandanten Brandweren Luchthaventerreinen (CCBL) en NIPV versterken samenwerking
19 maart 2026
Het College van Commandanten Brandweren Luchthaventerreinen (CCBL) en het NIPV werken al jaren nauw samen om het luchthavenbrandweerpersoneel goed op te leiden voor het optreden bij incidenten met vliegtuigen. Beide organisaties hebben samen in kaart gebracht welke wettelijke taken en verantwoordelijkheden hierbij horen, met als doel te komen tot een toekomstbestendige samenwerking. De samenwerking is nu officieel vastgelegd in een overeenkomst tussen beide partijen. De overeenkomst is ondertekend door de Nederlandse Vereniging van Luchthavens (NVL) namens het CCBL.

Met het ondertekenen van de overeenkomst kiezen CCBL en het NIPV bewust voor een langdurige samenwerking die gericht is op kwaliteit, innovatie en continuïteit in opleiden en examens. Beide organisaties werken samen aan het realiseren van een onderwijs- en examenstelsel dat niet alleen voldoet aan de huidige eisen, maar ook flexibel inspeelt op toekomstige ontwikkelingen in de luchtvaart en brandveiligheid.
Continue cyclus van verbetering
Marc Ploegman, decaan operationele brandweeropleidingen bij het NIPV, legt uit waarom deze overeenkomst belangrijk is. “De samenwerking is gebaseerd op een continue cyclus van verbetering: samen blijven we de lesstof en examinering evalueren, verbeteren, actualiseren en verder ontwikkelen. Het CCBL brengt deskundigheid mee over (inter)nationale ontwikkelingen in de luchtvaart en over het optreden van de luchthavenbrandweer. Op basis daarvan bepaalt het CCBL de kerntaken in het kwalificatiedossier voor de verschillende functies. Het NIPV heeft de expertise en het mandaat om examenmateriaal te ontwikkelen, dat wordt opgebouwd vanuit deze kerntaken. Het Bureau Toezicht Examinering en Certificering (TEC) benoemt en traint de examinatoren en zorgt voor accreditatie van de examenobjecten. Deze verantwoordelijkheden zijn nauw met elkaar verbonden en vragen om goede samenwerking, zodat alles regelmatig kan worden bijgewerkt. Door deze samenwerking in een overeenkomst vast te leggen, blijven de investeringen voor alle partijen beheersbaar en blijven de kosten voor opleiding en examinering betaalbaar.”

